Vets4petZ Online Apotheek voor Dieren, Kwaliteit en Service van de Dierenarts
Winkelwagen 0
Ivomec 1 % rund/schaap 50 ml injectie (Recept vereist)

Merial

Ivomec 1 % rund/schaap 50 ml injectie (Recept vereist)

€34.50

 IVOMEC oplossing voor injectie voor runderen, schapen en varkens 

 Alleen te bestellen met een recept van uw dierenarts

 Bijsluiter

 IVOMEC ® oplossing voor injectie voor runderen, schapen en varkens (ivermectine 10 mg/ml)

1% Injectie

Werkzaam bestandeel: Ivermectine: 10 mg/ml

Indicaties
Rund: 
Maagdarmnematoden: Ostertagia ostertagi (volwassen, L3, L4, geïnhibeerde larven), Ostertagia lyrata (volwassen, L4), Haemonchus placei (volwassen, L3, L4), Mecistocirrus digitatus (volwassen), Trichostrongylus axei (volwassen, L4), T. colubriformis (volwassen, L4), Cooperia oncophora (volwassen, L4), C. punctata (volwassen, .L4), C. pectinata (volwassen, L4), Cooperia spp. (L3), Oesophagostomum radiatum (volwassen, L3, L4), Nematodirus helvetianus (volwassen), N. spathiger (volwassen), Strongyloides papillosus (volwassen), Bunostomum phlebotomum (volwassen, L3, L4), Toxocara vitulorum (volwassen). 

Longwormen: Dictyocaulus viviparus (volwassen, L4 en geïnhibeerde larven). Rondwormen: Parafilaria bovicola, Thelazia spp. (volwassen).
Horzels: Hypoderma bovis, H. lineatum, Dermatobia hominis.
‘Screw worm’-vlieg: Chrysomyia bezzania. 

Luizen: Linognathus vituli, Haematopinus eurysternus, Solenopotes capillatus. Mijten: Psoroptes ovis, Sarcoptes scabiei var. bovis, Chorioptes bovis.
Teken: Boophilus microplus, B. decoloratus, Ornitodoros savignyi. 

Werkingsduur: IVOMEC 1 % Injectie toegediend aan de aanbevolen dosering van 0,2 mg ivermectine per kg lichaamsgewicht geeft een effectieve bestrijding van infecties met Ostertagia spp. en Cooperia spp. tot ten minste 7 dagen na de behandeling en van Dictyocaulus viviparus tot ten minste 14 dagen na behandeling. 

page16image17112 page16image17272 page16image17432

Schaap: 
Maagdarmnematoden: Ostertagia circumcincta (volwassen, L3, L4, geïnhibeerde larven), Ostertagia trifurcata (volwassen, L4), Haemonchus contortus (volwassen, L3, L4), Trichostrongylus axei (volwassen), T. colubriformis (volwassen, L3, L4), T. vitrinus (volwassen), Cooperia curticei (volwassen, L4), Oesophagostomum columbianum (volwassen, L3, L4), O. venulosum (volwassen), Chabertia ovina (volwassen, L3, L4), Trichuris ovis (volwassen), Nematodirus filicollis (volwassen, L4), N. spathiger (L3, L4), Strongyloides papillosus (L3, L4), Gaigeria pachyscelis. 

Longwormen: Dictyocaulus filaria (volwassen, L3, L4), Protostrongylus refuscens (volwassen). Horzels: Oestrus ovis (alle larvale stadia).
Mijten: Psoroptes communis var. ovis, Sarcoptes scabiei, Psorergates ovis. 

Varken 
Maagdarmnematoden: Ascaris suum (volwassen, L4), Hyostrongylus rubidus (volwassen, L4), Oesophagostomum spp. (volwassen, L4), Strongyloides ransomi (volwassen), Trichuris suis (volwassen).

Longwormen: Metastrongylus spp. (volwassen). 

Nierwormen: Stephanurus dentatus (volwassen, L4). Luizen: Haematopinus suis.
Mijten: Sarcoptes scabiei var. suis.  

CONTRA-INDICATIES : Geen. 

BIJWERKINGEN :Geen. 
Indien u ernstige bijwerkingen of andersoortige reacties vaststelt die niet in deze bijsluiter worden vermeld, wordt u verzocht uw dierenarts hiervan in kennis te stellen. 

DIERSOORTEN WAARVOOR HET DIERGENEESMIDDEL BESTEMD IS 
Rund, schaap en varken. 

DOSERING VOOR ELKE DOELDIERSOORT, WIJZE VAN GEBRUIK EN VAN TOEDIENING 

Rund
Het diergeneesmiddel dient uitsluitend per subcutane inspuiting te worden toegediend in een éénmalige dosering van 0,2 mg ivermectine per kg lichaamsgewicht (wat overeenkomt met een dosering van 1 ml/50 kg lichaamsgewicht). 

Schaap
Toediening uitsluitend door subcutane inspuiting in een éénmalige dosering van 0,2 mg ivermectine per kg lichaamsgewicht (wat overeenkomt met een dosering van 0,5 ml per 25 kg lichaamsgewicht). 

Varken

Aanbevolen wordt het diergeneesmiddel door subcutane inspuiting in de nek toe te dienen in een éénmalige dosering van 0,3 mg ivermectine per kg lichaamsgewicht (overeenkomend met 1 ml per 33 kg lichaamsgewicht). 

AANWIJZINGEN VOOR EEN JUISTE TOEDIENING 

Rund
Injecteer onder de losse huid voor of achter de schouder.
Zoals bij elke injectie dienen aseptische voorzorgen te worden genomen. Steriele apparatuur gebruiken. 

Schaap
Injecteer onder de losse huid achter de schouder. Bij schapen met veel wol moet u erop toezien dat de naald de wol en huid heeft gepenetreerd voordat u de dosis afgeeft. Gebruik steriele apparatuur. 

Varken
De vloeistof kan met een wergwerpspuit of automatische standaardapparatuur worden toegediend. Aseptisch werken. 

1. Fokdieren
Als er met parasietenbestrijding wordt begonnen is het belangrijk alle dieren in de koppel te behandelen. Gebruik na de eerste behandeling het diergeneesmiddel op regelmatige basis als volgt:
Zeugen: Behandel de zeugen bij voorkeur 7 - 14 dagen voor het werpen om infectie van de biggen (o.a. colostrale transmissie van Strongyloides ransomi) te voorkomen.
Gelten: 7 - 14 dagen voor de eerste dekking of het werpen behandelen.
Beren: Frequentie en noodzaak van behandeling hangen af van de infectiedruk. Minstens tweemaal per jaar behandelen. 

2. Vleesvarkens
Alle vleesvarkens dienen te worden behandeld voordat ze in schone hokken worden geplaatst. Het kan nodig zijn dieren met uitloop bij herinfectie opnieuw te behandelen.
NB: voor een doeltreffende schurftbestrijding dient men herbesmetting door contact met onbehandelde varkens of met besmette hokken te voorkomen. De luisneten zijn niet gevoelig voor ivermectine en het uitkomen kan tot 3 weken duren. De luizenbesmettingen door het uitkomen van de neten kunnen een tweede behandeling noodzakelijk maken. 

Voor een juiste dosering moet het lichaamsgewicht zo nauwkeurig mogelijk bepaald worden; de nauwkeurigheid van het doseerhulpmiddel dient te worden nagegaan.
Wanneer de dieren collectief worden behandeld in plaats van individueel, moeten de dieren gegroepeerd worden naar hun lichaamsgewicht en dienovereenkomstig gedoseerd, om onder- of overdosering te voorkomen 

WACHTTERMIJN 

(Orgaan)vlees:
Rund: 49 dagen
Schaap: 63 dagen
Varken: 28 dagen
Niet toedienen aan niet-melkgevend melkvee, waaronder drachtige vaarzen, binnen 60 dagen voor het afkalven.
Niet toepassen bij runderen en schapen, die melk voor humane consumptie produceren. 

SPECIALE VOORZORGSMAATREGELEN BIJ BEWAREN 
Bewaren beneden 25 °C. Niet in de koelkast of vriezer bewaren. Bewaar in de oorspronkelijke verpakking. Beschermen tegen licht. 

Buiten het bereik en zicht van kinderen bewaren. 

SPECIALE WAARSCHUWINGEN 

Speciale waarschuwingen voor elke diersoort waarvoor het diergeneesmiddel bestemd is Behandelingsschema in streken waar hypodermose voorkomt:
Het diergeneesmiddel is zeer effectief tegen alle stadia van runderhorzels. Een juiste keuze van het tijdstip van behandelen is daarom belangrijk. Volwassen Hypoderma vliegen zijn voornamelijk actief in de zomer, doch enkele vliegen kunnen nog actief zijn in de late zomer en herfst. Voor de beste resultaten moeten de dieren zo vlug mogelijk na afloop van de legtijd van de horzelvlieg worden behandeld. Zoals bij andere producten voor behandeling van hypodermose, kan de vernietiging van Hypoderma larven ongewenste reacties veroorzaken bij de gastheer wanneer deze larven zich in vitale delen van het rund bevinden, hetgeen met name in de periode december tot maart het geval kan zijn. De vernietiging van Hypoderma lineatum kan tympanie veroorzaken wanneer de larve zich ter hoogte van de submucosa van de slokdarm bevindt. De vernietiging van H. bovis kan aanleiding geven tot bewegingsstoornissen of verlamming.
Runderen moet daarom worden behandeld voor of na de aanwezigheid van deze larven in vitale delen van het lichaam. 

Zorg ervoor dat de volgende toepassingen worden vermeden omdat ze het risico op ontwikkeling van resistentie verhogen en uiteindelijk een inefficiënte behandeling tot gevolg kunnen hebben: 

  • -  frequent en herhaald gebruik van ontwormingsmiddelen van dezelfde klasse, gedurende een langere periode. 

  • -  Onderdosering, wat het gevolg kan zijn van een onderschatting van het lichaamsgewicht, een foutieve toediening van het product of het foutief afstellen van de schaalverdeling op het doseerapparaat. 

    Vermoedelijke klinische gevallen van resistentie tegen anthelmintica moeten nader onderzocht worden door middel van geschikte tests (bijv. Faecal Egg Count Reduction Test). Wanneer het resultaat van de test(s) duidelijk wijst op resistentie tegen een bepaald anthelminticum, moet een anthelminticum van een andere groep met een ander werkingsmechanisme worden toegediend. 

    Resistentie tegen macrocyclische lactonen (waaronder de avermectine, ivermectine) bij Teladorsagia sp bij schapen en Cooperia sp in rundvee wordt binnen de EU, gerapporteerd. Derhalve dient het gebruik van dit diergeneesmiddel gebaseerd te worden op nationale epidemiologische gegevens (regionaal en op bedrijfsniveau) met betrekking tot de gevoeligheid van nematoden en geadviseerd te worden hoe een verdere resistentieontwikkeling tegen wormmiddelen beperkt kan worden. 

    Speciale voorzorgsmaatregelen voor gebruik bij dieren 

    Dit diergeneesmiddel niet intraveneus of intramusculair toedienen. 

    Avermectines kunnen overgevoeligheidsreacties veroorzaken bij andere diersoorten. Overgevoeligheidsreacties zijn waargenomen bij honden, met name bij collieachtigen, Old English Sheepdogs en aanverwante rassen of kruisingen met deze rassen, en ook bij land- en waterschildpadden. 

page19image24304

SPECIALE VOORZORGSMAATREGELEN VOOR HET VERWIJDEREN VAN NIET- GEBRUIKTE DIERGENEESMIDDELEN OF EVENTUELE RESTANTEN HIERVAN 

Ongebruikte diergeneesmiddelen of restanten hiervan dienen in overeenstemming met de nationale vereisten te worden verwijderd.
Het product dient niet in een waterloop terecht te komen, aangezien dit gevaar kan opleveren voor vissen en andere waterorganismen. 

Vraag aan uw dierenarts hoe u overtollige geneesmiddelen verwijdert. Deze maatregelen dienen tevens ter bescherming van het milieu. 

DE DATUM WAAROP DE BIJSLUITER VOOR HET LAATST IS HERZIEN 
29 oktober 2014. 

OVERIGE INFORMATIE 
Gebruik tijdens dracht, lactatie of leg 

Dracht: In onderzoek is een brede veiligheidsmarge aangetoond. Bij de aanbevolen dosering zijn er geen bijwerkingen op de vruchtbaarheid of de dracht. 

Interacties met andere geneesmiddelen en andere vormen van interactie 

Geen.
Het kan voorkomen dat niet alle verpakkingsgrootten in de handel worden gebracht. REG NL 1438
Kanalisatie: URA 


Deel dit product


Meer uit deze Categorie